Bijten? Waarom doet je kind dat?

Ben je net lekker met je kind aan het stoeien, staan er plotseling twee perfecte halve maantjes in je bovenarm. Ai! Behalve dat die melktanden behoorlijk scherp zijn en het vrij pijnlijk is dat je kind zich op deze manier uit, schrik je er ook gewoon van. Om je kind duidelijk te maken dat je kind zijn of haar tanden in jou gezet heeft, zou je misschien willen terugbijten. Maar… da’s pedagogisch gezien vast niet de beste keuze. Wat moet je wel doen? Hoe maak je aan je kind duidelijk dat bijten niet de bedoeling is? En vooral: waarom bijt jouw kind eigenlijk?

Waarom bijt je kind?

Bijten komt bij kinderen tot vier jaar regelmatig voor. Door allerlei situaties kan je kind even uit evenwicht zijn en kan dan letterlijk zijn tanden ergens inzetten. Om hiermee om te gaan, is het belangrijk om eerst naar het waarom te kijken. Bijten komt regelmatig voor en is eigenlijk een dierlijke reactie, even ergens lekker in happen. Dit kan meerdere redenen hebben: ze kunnen nog niet praten, frustratie, aandacht, innerlijke spanning, niet veilig voelen, liefdesbeetjes (van knuffelen naar bijten) of juist contact willen maken.

Tussen 1 en 2 jaar praten kinderen onderling nog niet. Als een ander kind dan iets afpakt of een kind doet iets bij een peuter wat niet leuk is, dan kan de peuter in ieder geval íéts doen: van zich af bijten. Deze fase is vaak van korte duur, want de taalontwikkeling kan snel gaan. Er zijn ook peuters die wel kunnen praten, maar ook nog wel eens bijten. Woorden gebruiken is natuurlijk iets anders dan vertellen hoe je je voelt, dat is voor peuters lastig. Vaak is er voor het bijten dan een andere oorzaak, bv. als iets niet lukt of innerlijke spanning: frustratie, geboorte, verhuizing, vakantie, feestdag, angst, aandacht. Er hoeft ook niet altijd iets ergs achter te zitten, soms wil een kind gewoon contact maken, maar weet hij nog niet hoe dat moet. Daar kunnen we dan bij helpen door hun behoefte te verwoorden.

Maar naast frustratie, kunnen ook andere situaties bij je kind leiden tot bijten. Bijt je kind? Bekijk dan eerst wat er aan deze handeling vooraf is gegaan. We hebben een paar mogelijke scenario’s voor je op een rijtje gezet.

1. Onoverzichtelijke situatie

Bijt je kind vaak tijdens een moment waarin je zelf minder beschikbaar bent voor je kind? Bijvoorbeeld wanneer je direct na thuiskomst, begint te koken en daarbij opgaat in het moment en weinig aandacht geeft aan je kind? Dat kan voor je kind een reden zijn om te bijten. Hij of zij wil graag aandacht van jou en uit dat op deze manier. In de kinderopvang zien we dit ook wel gebeuren in overgangsmomenten; van aan tafel eten naar vrij spelen op de groep. Iedereen loopt door elkaar en daardoor kunnen kinderen zich soms wat verloren voelen. Ook kan je kind boos worden, wanneer een situatie anders verloopt dan hij of zij verwacht. Dat je kind bijvoorbeeld nog lekker zit te spelen en ineens van het één op het andere moment naar bed wordt gebracht.

Wat gebeurt er bij jouw kind?

In dit soort situaties kan jouw kind het gevoel hebben dat hij of zij weinig houvast heeft, dat er een bepaalde onveilige of onduidelijke situatie ontstaat waar hij of zij geen grip op heeft. Hij of zij wil aandacht, maar krijgt deze niet of hij of zij wordt gedwongen iets te doen, waar hij of zij (nog) helemaal geen zin in heeft. Je kind kan zich op dit soort momenten wat verloren en niet gehoord voelen. Je kind zoekt dan naar houvast en doet dat soms letterlijk door zich vast te bijten. Mogelijke slachtoffers zijn dan mensen die dichtbij staan, zoals een broertje, zusje of zijn vader of moeder. En vergeef het je kind, want aan het einde van de dag zijn we moe en kunnen we iets minder hebben.

Wat kun je doen?

Wanneer je erachter bent, dat dit soort momenten ervoor zorgen dat jouw kind bijt, probeer dan hierop in te spelen door je kind bijvoorbeeld voor te bereiden op wat er allemaal gaat gebeuren, of wat er aan de hand is. Neem hier de tijd voor. Kom je thuis van je werk en wil je het liefst zo snel mogelijk het eten op tafel hebben? Het loont om toch eerst even (ook al is het maar 5 min!) aandacht en nabijheid te geven en je kind op gang te helpen met spelen. Dan is je kind even weer emotioneel bijgetankt en lukt het vaak om zelf even te spelen.

Je kunt je kind ook even aandacht geven door samen iets te gaan doen zodat hij zich gehoord en gezien voelt. Jonge peuters kunnen prima wat taakjes in de keuken verrichten, wanneer jij bezig bent. Schillen in de prullenbak gooien, helpen met het spoelen van de groenten, dat soort dingen. Je kind krijgt én oprecht aandacht, én jij kunt je ding doen.

Met naar bed gaan kun je je kind uitleggen: “We gaan zo naar bed, lieverd” En een paar minuten later kun je deze boodschap herhalen. Weer een paar minuten later kun je het weer herhalen met een concrete opdracht erbij: “Lieverd, we gaan zo naar bed. Dit is de laatste keer dat je jouw pop van de glijbaan kunt laten glijden.” Heeft pop zijn laatste duikvlucht gemaakt: “Zo, dan gaan we nu naar bed. Mag pop hier blijven, of neem je ‘m mee naar bed?”

Op deze manier bereid je jouw kind voor op de situatie die gaat komen en krijg je kind voldoende tijd om aan het idee te wennen. Zeggen wat je doet en benoemen wat je ziet, geeft jouw kind houvast en duidelijkheid.

 

2. Een gevoel van onmacht

Je kind wil graag met een kind uit de buurt spelen in de zandbak, maar dit kind heeft daar helemaal niet zoveel zin in en negeert jouw kind volkomen. Jouw kind probeert een paar keer, maar reacties blijven uit. Uiteindelijk zet jouw kind de tanden in de kuit van het buurtkind.

Wat gebeurt er bij jouw kind?

Jouw kind heeft het gevoel dat hij of zij alles heeft geprobeerd en wordt overspoeld door een gevoel van onmacht. Hoe kan ik ervoor zorgen dat ik wél de aandacht krijg, die ik graag wil? Als een soort laatste strohalm bijt jouw kind. Het is een felle poging om contact te maken.

Wat kun je doen?

In veel gevallen kun je deze actie wel aan zien komen. Je kunt dan naar kind toelopen en zeggen wat je ziet gebeuren: “Ik zie dat jij graag met Niels wilt spelen, kom dan gaan we het eens vragen”. Misschien is het nodig om het spelen wat op gang te helpen. Speel dan gerust even mee. Als je net te laat bent en je kind heeft al gebeten, benoem het dan ook: “Wil jij graag met Niels spelen? Kom dan gaan we het eens vragen.” De bedoeling is dat je je kind helpt en hem leert hoe je op een juiste manier contact legt met andere kinderen.

 

3. Geen woorden voor

Hier hebben we het eerder ook al over gehad. Jouw kind kan veel emoties nog niet goed onder woorden brengen en weet niet hoe hij of zij gevoelens dient te uiten. Eigenlijk zit hier ook een vorm van onmacht in verscholen. Je kind wil niet dat jij hem of haar kietelt, maar hij of zij weet nog niet hoe hij of zij dit duidelijk kan maken aan jou, behalve door fysiek gedrag te vertonen. Bijten, schoppen of slaan zijn voor je kind voor de hand liggende manieren – en vaak ook behoorlijk effectieve – om iets duidelijk te maken.

Wat kun je doen?

Denk je dat bovenstaande wel een reden zou kunnen zijn waarom je kind bijt, help hem dan te verwoorden wat zijn bedoeling is en doe voor hoe hij moet handelen. Bijvoorbeeld: “Ik zie dat jij graag met die auto wil spelen. Dan moet je Ellen niet bijten, want dat doet pijn, maar we kunnen vragen of jij met de auto mag wanneer Ellen klaar is met spelen.” De bedoeling is dat je kind leert dat er woorden zijn om te uiten wat hij wil of wat zijn wensen zijn.

 

4. Reactie uitlokken en experimenteren

Het is natuurlijk leuk wanneer je iets doet, dat er ook iets gebeurt. Dat er gereageerd wordt. In piepbeesten knijpen of bijten maakt een leuk geluid, maar kinderen reageren natuurlijk nog harder en heftiger. Dus het kan voor je kind ook een bepaalde aantrekkingskracht hebben, om te bijten. De reactie van een ander kind is vaak een reden om het nog een keer te doen. Je kind krijgt door dat iets wat hij of zij gevolgen heeft: geluiden, emoties, aandacht.

Wat kun je doen?

Ga naar je kind toe als je een dergelijke situatie ziet aankomen en erken wat je ziet gebeuren: “Ik zie dat jij het leuk vindt om te zien dat het kindje iets doet, wanneer je hem bijt, maar kijk als je hem aait, dan gaat hij lachen. Dat is ook leuk, toch?” Als dat niet direct lukt probeer iets te vinden wat je kind leuk vindt, probeer je kind af te leiden en ga dat dan samen met je kind doen. Blijf alert wanneer je kind weer wil bijten om een reactie uit te lokken en probeer hier gelijk op te reageren.

Beloon ook juist het positieve gedrag, dat wat al wel goed gaat. Kinderen hoeven dan niet meer te bijten om aandacht te krijgen.

 

Bijt mijn kind opzettelijk?

Nee, jonge kinderen bijten niet opzettelijk. Je kind wil jou of iemand anders niet moedwillig en bewust pijn doen. Rond 15 maanden leren kinderen principes en kunnen ze gaan begrijpen dat dingen niet mogen, zoals bijten. Kinderen hebben op die leeftijd nog geen geweten, dus kunnen ze de regel ‘bijten mag niet’ nog niet onthouden als jij uit het zicht bent. Daarom is het zo belangrijk om goed naar je kind te kijken en triggers te leren kennen. Naar mate je kind ouder wordt, wordt je kind taalvaardiger en leer hij of zij om gevoelens en emoties beter onder woorden te brengen. Rond het tweede levensjaar kan er een piek voorkomen in het bijtgedrag, maar dit neemt daarna meestal wel weer af.

Tot slot

Voorkomen werkt het beste. Het kost tijd, extra aandacht en energie, maar blijf verwoorden wat er gebeurt en erken gevoelens, op elke leeftijd. En blijf vooral rustig, heftig reageren werkt alleen maar averechts, want dan kan het gebeuren dat je kind alleen maar vaker gaat bijten. Het is belangrijk dat je het gedrag afkeurt en niet je kind als persoon: ‘ik zie dat je boos (of bang/verdrietig) bent, maar bijten mag niet, dat doet pijn.’ Geef ook een alternatief, wat mag hij wel? Geef een bijtring, een kussen of laat je kind even hard roepen of flink op de grond stampen.
Een leuke en helpende activiteit kan zijn om eens wat vaker te kleien of brood te bakken, want dat kan helpen om de eventuele spanning ergens anders in te stoppen.

Een andere sensomotorische activiteit is een speelbak gevuld met kinetisch zand, kikkererwten, mais, pasta of andere materialen die kinderen kunnen voelen en ruiken, en wat lepels, schepjes, bakje en speeldiertjes voor de creativiteit. Dit kan bijdragen aan de prikkelverwerking van je kind, even lekker ontspannen en tot rust komen.

WEL DOEN

Altijd uitleg geven. Leg uit waarom je kind niet mag bijten en geef waar mogelijk een alternatief. Zeggen, uitleggen, voordoen of met je kind samen iets doen en laten zien hoe en wat dan wel de manier is om met de situatie om te gaan. Het is belangrijk dat jouw kind zich gehoord, begrepen en gezien voelt. Benoem het bijtgedrag en wijs het bijten af: je kind moet weten dat het gedrag wat hij vertoont niet mag, maar als persoon wordt jouw kind dan niet afgewezen.

NIET DOEN

Alleen maar boos worden en zeggen: "Dat mag niet". Dit kan het gedrag zelfs versterken, want als het kind uit onvrede of uit een gevoel van onveiligheid bijt, dan voelt je kind zich door de boosheid van de ouder nog meer gefrustreerd. Of je kind merkt dat hij of zij aandacht krijgt, wanneer hij of zij bijt en ziet dat juist als een aanmoediging om nog meer en vaker te bijten. Terugbijten is ook een absolute 'no go'. je kind heeft begeleiding en support nodig, geen spiegeling van het gedrag,